Prix Galien
vooraf. Vader somt er enkele op: ‘Hoe werken de blaasjes? Welke cellen nemen ze op? Kunnen we ze uit het lichaam halen, er medicijnen instoppen en weer laten opnemen? Ook door andere cellen?’ De exosomen bleken nog lastig onderzoeksmateriaal. ‘Van nature bevatten de blaasjes heel weinig RNA, daardoor is het moeilijk om zichtbaar te maken hoe het RNA in een blaasje van de ene naar de andere cel gaat.’ Vader beschouwt het als een langzaam, maar erg leuk onderzoeksproces waar hij met veel mensen aan heeft gewerkt. Recent zijn twee belangrijke stappen gezet. ‘We hebben een genetische technologie ontwikkeld om de biologie te bestuderen. Zo gauw een cel een extracellulair blaasje opneemt en het RNA processed, wordt een genetisch gemodificeerd “stoplicht” groen. De techniek met deze reporter is inmiddels zo gevoelig dat we in een enkele cel kunnen zien wat er gebeurt.’ De vondst is gepubliceerd in Nature Communications. De tweede grote stap was een vergelijkingsonderzoek waarin de reporter is gebruikt om de effectiviteit van extracellulaire blaasjes te vergelijken met synthetische blaasjes. ‘In dit head-to- head-onderzoek met evenveel RNA in beide blaasjes bleken de membraanblaasjes heel effectief. Toen we voor het eerst zagen dat de membraanblaasjes wel 100 keer efficiënter waren, geloofden we het eerst niet. Het verschil was zo groot!’ Het onderzoek is gepubliceerd in Nano Letters. Beide resultaten geven een boost aan het onderzoek op weg naar een klinische toepassing. Vader ziet twee pijlers. In de regeneratieve geneeskunde: ‘De blaasjes afkomstig van stamcellen hebben bepaalde fysiologische eigenschappen en daarmee van zichzelf al een beschermende functie. Ze verkleinen in een muismodel na een hartinfarct de infarctgrootte. Als je ze nog laadt met medicijnen, kan je dit effect nog versterken.’ Of in de nanogeneeskunde. ‘Door de blaasjes te isoleren en te laden met RNA-medicijnen, of door bio- inspired synthetische blaasjes te maken.’ • Belangrijke stappen op weg naar klinische toepassing RESEARCH AWARD GENOMINEERDE RESEARCH AWARD Pieter Vader Pieter Vader begeeft zich in een nog jong onderzoeksveld: de therapeutische toepassing van extracellulairemembraanblaasjes voormedicijnafgifte en regeneratieve geneeskunde. Het vakgebied ontwikkelt zich snel. ‘Wij draaien vanaf het begin aanmee’. Stip op de horizon: patiënten in het ziekenhuis behandelenmet RNA- medicijnen in bio-inspired blaasjes. ‘Het is pure interesse die mij drijft. Ik wil graag nieuwe dingen ontdekken en fundamentele vraagstukken oplossen. Dan duik ik heel diep in de materie. Maar ik werk niet voor niets in een ziekenhuis. Ik wil wel dat met de ontdekking mensen kunnen worden behandeld.’ Pieter Vader, chemicus van huis uit, ontwikkelde tijdens zijn promotie synthetische nanodeeltjes voor het doelgericht afleveren van siRNAmedicijnen. Als postdoc bij de University of Oxford verdiepte hij zich in extracellulaire membraanblaasjes, de exosomen. Daarmee werkt hij nu bij het Centraal Diagnostisch LaboratoriumResearch & Experimentele Cardiologie in het UMCUtrecht verder in een eigen onderzoeksgroep. ‘Heel veel nieuwe potentiële medicijnen zijn gebaseerd op RNA. Dit RNA wordt met synthetische nanodeeltjes in de cel gebracht. Een aantal jaar geleden is ontdekt dat cellen in het lichaam via membraanblaasjes met RNA erin met elkaar praten. De ene cel stopt RNA in een blaasje en geeft het door aan de andere cel. Dat bracht ons op de vraag of het met deze lichaamseigen membraanblaasjes mogelijk was om gericht medicijnen af te leveren.’ Aan een antwoord gaan vele andere onderzoeksvragen 17 PRIX GALIEN NEDERLAND 2020-2021
RkJQdWJsaXNoZXIy ODY1MjQ=